Na Feyenoord is er nog een tweede voetbalclub uit Rotterdam die dit jaar zeer goed presteert. Sparta, en dan denkt iedereen natuurlijk gelijk aan het stadion ‘Het Kasteel’ in Delfshaven. Maar daar gaat een verhaal aan vooraf…. Sparta speelde oorspronkelijk in Crooswijk!
In 1916 werd ‘Het Kasteel’ geopend om vervolgens de thuisbasis te zijn van Sparta. Hoewel de club redelijk succesvol was, werden de eerste grote prijzen op Het Kasteel pas in de jaren vijftig behaald: in 1958 de KNVB beker en in 1959 het landskampioenschap. Wat niet vergeten mag worden, is dat de club echter al een roemrijk verleden had opgebouwd voordat Het Kasteel in gebruik werd genomen.
Sparta werd in 1888 opgericht door scholieren, in het huis van de eerste penningmeester aan het Oostvestplein (nu Oostplein). Vijf van die leerlingen zaten op de toenmalige HBS aan het Van Alkemadeplein in Rubroek. De eerste wedstrijden vonden plaats op heel verschillende terreinen in de stad, van het Grote Kerkplein tot een veld bij de Heineken Brouwerij in Crooswijk. Vanaf 1895 kreeg Sparta haar eerste vaste veld, op het Schuttersveld. Na 1905 werd een nieuw terrein in gebruik genomen aan de Prinsenlaan (nu Kerkhoflaan). Die ‘Crooswijkse periode’ van Sparta leverde de meeste successen op. De club werd nationaal kampioen in 1911, 1912, 1913 en 1915.
Toen Nieuw Crooswijk werd gebouwd, kwam het terrein van Sparta wat in de knel en werd naar een nieuwe locatie gezocht. Die werd dus in Spangen gevonden, in Rotterdam-Delfshaven. Na 1959 werd Sparta nooit meer kampioen, maar het won nog wel twee keer de beker, in 1962 en 1966. De tweede club van Rotterdam, uit Delfshaven, had haar meest succesvolle periode dus in hartje Crooswijk.
sinds 1916 het stadion van Sparta in Delfshaven
Zo was de moeder van Isaac bijvoorbeeld Cunera van Rijckevorssel, ook een naam van een bekende Rotterdamse familie die tegenwoordig een straatnaam in de stad heeft.
Terug naar Judith, zoals we haar nu maar noemen. Zij kreeg ‘verkering’ en huwde uiteindelijk met Hendrick Rochussen, zoon van een invloedrijke familie in de stad. Hendrick was bijvoorbeeld vennoot in de firma Rochussen & Pitt. Hij verzamelde kunst en moet dus een vermogend man zijn geweest. Het stel kreeg vier kinderen, waaronder Charles Rochussen. De jonge Charles zal al vroeg kennis hebben gemaakt met kunstwerken in zijn ouderlijk huis en werd zelf kunstschilder. Hij maakte veel historische voorstellingen en stadsgezichten en bleef een invloedrijk Nederlands kunstenaar tot eind negentiende eeuw nieuwe kunststromingen zoals het impressionisme en de Haagse School zijn werk verdrongen.
De liefde tussen Judith en Hendrick had overigens geen aanstekelijk effect op hun drie zoons. Alle drie bleven vrijgezel en woonden de laatste jaren van hun leven samen in een pand aan de Schiekade…